Home
Ons atelier
In de pers
Informatie
Assortiment
Contact
Untitled Document Barometers hand gemaakt in barometeratelier jan van Agteren

 Requiem voor de kwikbarometer

 

Het kwam in het nieuws. Het Europees Parlement heeft ingestemd met een verordening om kwik in meetapparatuur te verbieden.

Tot op het laatst was erop aangedrongen om in dat verbod een uitzondering te maken voor kwikbarometers. Dat is er niet van gekomen. Kwik is zeer giftig en er zijn alternatieven voor kwikbarometers, zo vond de meerderheid. Op termijn zullen kwikbarometers dus moeten verdwijnen.

Nochtans, zo voerden de verdedigers van de kwikbarometers aan, wordt in Europa jaarlijks slechts 580 kg kwik gebruikt voor de bouw van nieuwe barometers, of 1,3 milligram per inwoner. Marginaal, als men weet dat de totale hoeveelheid kwik die jaarlijks wordt gebruikt voor meetapparatuur zo’n 200 ton bedraagt. Ook zou die 580 kg hoofdzakelijk gerecyclede kwik zijn. Terwijl er jaarlijks meer dan dertig ton kwik in het milieu terechtkomt.

Bovendien – zo vertellen specialisten me – is kwik in zuivere, metallische vorm vrijwel onschadelijk, omdat het niet oplosbaar is in water. Zelfs het inslikken van zuivere kwik is niet gevaarlijk (anders zouden er allang geen koortsthermometers met kwik meer worden verkocht!). Veel gevaarlijker is het kwik dat voorkomt in organische verbindingen, die wel oplosbaar zijn. Dat kwik komt, net als andere zware metalen zoals lood en cadmium, vooral vrij door afvalverbranding. Het kwik in een barometer verdampt ook nauwelijks. In elk geval is de vervuiling door een kwikbarometer niet te vergelijken met die door een auto en – geloof me maar gerust – er zijn veel minder kwikbarometers dan auto’s. Bovendien is – o ironie – een kwikbarometer een zeer ‘duurzaam’ toestel, dat geen energie behoeft en zo goed als niet verslijt. Er bestaan nu nog kwikbarometers uit de zeventiende eeuw die perfect werken. Ook de hoeveelheid kwik hoeft nauwelijks te worden aangevuld: doorgaans hoeft een kwikbarometer slechts eens in de vijftig jaar te worden nagekeken. Welk modern toestel heeft zo’n garantieduur?

Maar goed, er is blijkbaar niets aan te doen. Vroeg of laat verbiedt de Europese Unie nog vis met graten te verkopen, omdat dat ook gevaarlijk is (en ik maak geen grapje). Het is jammer voor die enkele bedrijven die nog kwikbarometers maken. Niet alleen moeten hun bekwame vaklui nu naar een andere baan uitkijken, bovendien zal hun métier, hun vakkennis op termijn verdwijnen, zodat er over enkele tientallen jaren misschien niemand meer is die zo’n toestel maken kan.

En daarmee verdwijnt een van de oudste wetenschappelijke precisie-
instrumenten. Het was in 1643 dat Evangelista Torricelli een met kwik gevulde, bovenaan afgesloten buis rechtop liet staan in een bad kwik om vast te stellen dat het kwik zakte tot een welbepaalde hoogte en het stuk erboven leeg werd (zie illustratie). Zijn leermeester Galilei had al opgemerkt dat water in een buis niet tot willekeurige hoogten kan worden opgezogen (het maximum bedroeg zo’n tien meter). Torricelli begreep dat het de luchtdruk was die de vloeistof onderaan de buis omhoogduwde en kwam op het idee om het water te vervangen door een veel zwaardere vloeistof: kwik. Daarmee had hij een toestel gebouwd om de ‘zwaarte’ van de atmosfeer te meten. Een barometer (Grieks barys: zwaar).

Niet lang daarna werd ontdekt dat de hoogte van de kwikkolom afneemt naarmate de barometer hoger boven de zeespiegel wordt geplaatst. Nog later werden kleine variaties in de hoogte van de kwikkolom vastgesteld die samenvielen met de veranderingen van het weer. Het belang van de barometer voor de meteorologie werd daarmee duidelijk. Het was overigens Christiaan Huygens die in 1672 een echt praktische barometer zou construeren.

Natuurlijk zijn er nu andere, modernere barometers, zelfs digitale, die vrijwel even nauwkeurig zijn. En veel gemakkelijker af te lezen. Maar toch is er een verschil. Bij een digitale barometer is de luchtdruk gewoon een getal op een schermpje, zoals er tegenwoordig zoveel getallen op schermpjes af te lezen zijn.. Op een kwikbarometer is het de hoogte van de kwikkolom, 760 millimeter bij normale druk (ach ja, wie herinnert zich nog dat de luchtdruk in millimeters werd uitgedrukt?). Je ziet niet alleen de waarde van de luchtdruk, je begrijpt ook wat hij betekent. Elke correct opgestelde kwikbarometer is een permanente herhaling van de proef van Torricelli. Een bewijs dat er zoiets als luchtdruk bestaat. Je begrijpt dat het gewicht van de kolom kwik in de buis gelijk is aan dat van een even dikke kolom lucht die tot de hoogste regionen van een atmosfeer loopt. Je begrijpt dat in het stuk buis boven de kwikkolom niets zit, de leegte, het vacuüm (in Torricelli’s tijd werd het bestaan van een vacuüm nog algemeen verworpen, zelfs in de ruimte tussen de planeten). Dat soort uitleg kregen we toen we een kwikbarometer in de natuurkundeklas zagen. Zonder kwikbarometer zullen begrippen als atmosfeer en luchtdruk abstracter, minder begrijpelijk worden, vrees ik.

Kwikbarometers zijn niet goedkoop en als de productie stopt, worden ze wellicht peperdure verzamelobjecten. Wellicht dat we als liefhebbers van weer- en sterrenkunde er nog snel maar eentje moeten kopen. Al was het maar uit eerbetoon aan de vaklui die hun baan zullen verliezen.

Tim Trachet

Artikel uit het tijdschrift Zenit, september 2007, blz 409.

 

Copyright 2015 EJA-webdesign.nl